Provinciale culturele prijs.
Het principebesluit tot instelling daarvan werd in januari 1954 genomen door Provinciale Staten van Drenthe. Daarna benoemde men een zogeheten 'Commissie van Advies voor de toekenning van de culturele prijzen'. De Commissie kwam spoedig met het voorstel jaarlijks drie prijzen toe te kennen, te weten een individuele prijs, een groepsprijs en een jeugdprijs. Door tal van omstandigheden bleek het niet mogelijk in 1954 de Culturele prijs van Drenthe uit te reiken. Met het daarvoor beschikbaar gekomen bedrag werden een prijsvraag voor het ontwerpen van een penning en de opdracht tot het vervaardigen van een oorkonde gefinancierd. Het ontwerp van de Dordse kunstenaar J.Th.L. Petri werd bekroond en de oorkonde werd vervaardigd door Pam G. Rueter te Amsterdam.
In het najaar van 1956 konden voor het eerst culturele prijzen toegekend worden - die voor 1955 wel te verstaan. Ze werden pas op de drempel van 1957 uitgereikt. De individuele prijs ging naar Ben van Eysselsteijn, de groepsprijs naar de Toneelvereniging Diever en de jeugdprijs naar het Emmer Lyceum. In 1999 werd besloten de prijs niet meer jaarlijks, maar één keer in de drie jaar toe te kennen. Daarentegen werd het budget verhoogd. In 2001 werd de prijs-nieuwe stijl voor het eerst uitgereikt.
Overzicht toegekende Culturele prijzen (individueel):
1955 B. van Eysselsteijn
1956 J. Fabricius / A. Boelens
1957 E.B. von Dulmen Krumpelmann
1959 Y.S. Dijkstra
1960 A.E. van Giffen / H.J. Prakke
1963 C.A. Legro / J. Poortman
1966 M. Eising / G.A. Bontekoe / T. Vermaning / J. Naarding (postuum)
1967 G.C. Helbers
1968 C. Nicolaï-Chaillet / K. Smink
1972 P. Brandsma
1973 H. Boerwinkel
1974 Echtpaar Rensen-Oosting / H. Heyting
1975 M.T. Douwes
1976 H.W. de Vroome
1977 R. Reijntjes
1978 H.D. Broekema
1979 C.A. de Kruif
1980 R. Wester
1981 B. Dubbelboer
1983 G. Kuipers
1985 E. Musch
1986 L.H. Hadderingh / S.C. Derksen
1987 G. Nijenhuis
1990 M. Kool
1992 H. Muskee
1993 J. Hollenbeek Brouwer
1994 L. Huizing
1995 T. Wegner
1998 W. Stoppelenburg
1999 W. ter Horst
2004 H. Nijkeuter
2007 S. Wagenaar
